Noaber en Nationale-Nederlanden (NN) zetten hun samenwerking in het programma ‘Mentale Gezondheid en Veerkracht’ voort. Het programma loopt in elk geval tot en met 2030. Dat werd op 6 oktober bekendgemaakt tijdens een bijeenkomst met partners en wetenschappers.

Drie jaar geleden bundelden Noaber en NN hun krachten voor de mentale gezondheid van jongeren. In die periode kreeg mentale gezondheid een stevigere plek op de maatschappelijke agenda. Met partners droegen we bij aan het gesprek over onder meer de online leefomgeving, ouderschap, sociale structuren en zingeving. We werkten samen met ruim 75 organisaties en bereikten ruim 450.000 jongeren.

Tijdens de bijeenkomst liet Eveline Crone (hoogleraar neurocognitieve ontwikkelingspsychologie aan de Universiteit Leiden) zien wat de ontwikkeling van het puberbrein vraagt van de omgeving van jongeren. Jochen Mierau (hoogleraar Economie van de Volksgezondheid aan de Rijksuniversiteit Groningen) maakte duidelijk wat het de samenleving oplevert om hun mentale gezondheid te versterken.

De ambitie is dat jongeren mentaal gezonder opgroeien: dat minder van hen angst- of depressiegevoelens hebben en dat meer van hen weten wie ze zijn, wat ze willen en hoe ze hun leven vorm kunnen geven. Mentale gezondheid wordt niet alleen gevormd bij de jongere zelf, maar ook thuis, op school, op de sportclub, online en op het werk. Daarom richt het programma zich de komende jaren op zes prioriteiten:

Op elk van die terreinen komt meer nadruk te liggen op wat jongeren sterker maakt: autonomie, weerbaarheid en sociale steun. Noaber en NN steunen vernieuwers, verbinden partijen die aan dezelfde opgave werken en werken mee aan veranderingen in beleid, normen en financiering.

Marlene van Loo, Programma Manager 'Mentale Gezondheid en Veerkracht': “We leven in een onrustige tijd en daar groeien jongeren in op. We kunnen ze niet afschermen van de wereld, en dat moeten we ook niet willen. Wel kunnen we ervoor zorgen dat ze stevig staan. Dat leren ze niet in hun eentje: daar hebben ze mensen om zich heen voor nodig. Met dit programma bouwen we mee aan een omgeving waarin kinderen en jongeren kunnen opgroeien tot gezonde volwassenen. Ik ben blij dat we dat samen met Nationale-Nederlanden kunnen blijven doen.”